Geheimtip: La Rochelle

Geheimtip: La Rochelle

Tekst: 

Ann Van Wesemael

Fotografie: 

Ann Van Wesemael

La Rochelle, aan de Atlantische Oceaan, is de hoofdstad van het departement Charente-Maritime. Met meer dan drie miljoen toeristen per jaar is het de derde meest bezochte stad van Frankrijk.

Amper een uur nadat ik geland ben in de luchthaven van La Rochelle rijd ik over een immens viaduct van zo’n 3 kilometer het Île d'Oleron binnen. Mijn eerste stop tijdens mijn verblijf aan de westkust van Frankrijk blijkt meteen de gedroomde start van mijn vakantie. Île d'Oleron is niet alleen het tweede grootste Franse eiland na Corsica, het blijkt ook een heerlijk vakantieoord te zijn, waar heel wat toeristen tijdens de zomermaanden graag komen verpozen op de eindeloze zandstranden en duinen. Zoals heel de Atlantische kust is ook Île d'Oleron een populaire hangout bij surfers en watersporters die hun kunsten graag tonen op de schuimende oceaan. Voor mij hoeft het niet zo acrobatisch. Een aangename wandeling langs de pittoreske haven 'La Cotinière' stelt me al heel tevreden. Blijkbaar is dit plekje de grootste haven van het departement, maar hierdoor moet het allerminst aan charme inboeten. De roodwitte vuurtoren en de kleurrijke vissersboten doen alle bezoekers meteen naar hun fototoestel grijpen. Naast verse vis haalt men in Île d'Oleron nog een andere hemelse delicatesse uit het zeewater: de beroemde Marennes-Oléron oester. Dankzij de milde temperaturen gedijt de oestercultuur hier erg goed en zo is de Marennes-Oleronkwekerij door de jaren heen uitgegroeid tot één van de grootste van Europa.
Naast de smaakvolle oesters heeft de oestercultuur nog iets erg leuks voortgebracht, namelijk de übercharmante "cabanes", de kleurrijke vissershuisjes langs de oesterbanken. Je vindt ze op verschillende plaatsen op het eiland, maar het allermooist zijn ze op de Route de l'Huître in de buurt van Dolus d'Oleron. Langs deze weg zijn tientallen oesterkwekerijen gevestigd. Je kunt de oesterboeren hier aan het werk zien en kraakverse oesters kopen en degusteren. In Baudissière, langs de kanaaltjes, zijn verschillende cabanes tegenwoordig ingericht als kunstatelier waar leuke hebbedingetjes te koop zijn. Ook in Château d'Oleron, iets meer naar het oosten, zijn de oesterhutjes een grote trekpleister voor toeristen. Net als de Citadelle die hier destijds werd opgetrokken om steden als La Rochelle en Rochefort al vanop zee te verdedigen.

Corderie Royale
Onder Lodewijk XIV werden heel wat verdedigingswerken uitgevoerd. Rochefort was lange tijd de draaischijf. Hier werd een enorm militair Arsenaal gebouwd met de bedoeling in sneltempo oorlogsschepen te bouwen en de Franse vloot te spekken. Een opvallende constructie in Rochefort is de befaamde Corderie Royale, aan de loop van de rivier de Charente. In dit indrukwekkende gebouw, waarvan alleen al de omvang de enorme bedrijvigheid van weleer verraadt, werd koord gemaakt maar voor de hele Franse vloot.
Tegenwoordig is hier een museum ondergebracht en is men druk in de weer met een zo getrouw mogelijke reconstructie van het fregat Hermione dat in de 18e eeuw generaal La Fayette naar Amerika bracht. Bedoeling is om het 65 meter lange schip ook zeewaardig te maken zodat men de reis die La Fayette destijds maakte kan overdoen. Ondanks een bijzonder strijdvaardig verleden is Rochefort een heerlijk relaxte plek met een mooie haven vol plezierboten. Je kunt er aangenaam wandelen langs de Charente en door stadsparken. Kinderen kunnen er ongehinderd rondrennen op mooie pleinen met winkelwandel straten rondom.

Aquarium
Amper veertig kilometer hier vandaan doet La Rochelle er nog een schepje bovenop. De stad baadt in een heerlijke vakantie-feel maar ook hier is de verdedigingsdrang uit een ver verleden niet weg te denken. De 42 meter hoge Tour Saint-Nicolas en de Tour de la Chaîne aan de doorgang van de zee naar de oude haven verraden een turbulente geschiedenis. Maar vanop deze plek aan de oude haven heb je in één oogopslag ook door waarom La Rochelle één van de drukst bezochte steden van Frankrijk is. De stad bruist en ligt bezaaid met schitterende historische gebouwen, pal aan de schitterende haven, die volledig omzoomd is met gezellige terrasjes en restaurantjes. Op wandelafstand kunnen kooplustigen zich uitleven in het autovrije shoppingdistrict middenin het Middeleeuws kloppende hart van de stad. En na het shoppen is de Plage de la Concurrence, vlakbij de oude haven, de ideale plek voor een break. Loop je langs het water iets verder door, dan kom je aan het Bassin à flot waar op de mooie wandelpromenade nog één van de trekpleisters van de stad is gevestigd: het reusachtige Aquarium.
Maar liefst 12.000 zeedieren zwemmen hier rond in 3 miljoen liter zeewater. Op de tweede verdieping is een panoramisch restaurant ondergebracht met een schitterend uitzicht op de Oude Haven. Van hieruit heb je een mooi uitzicht op de levendige oude haven en de Grosse-Horloge, een indrukwekkende poort met in de toren een klok die in de Middeleeuwen de haven scheidde van de stad.

Werelderfgoed
Met wat geluk zie je vanop het panoramisch terras ook Île de Ré liggen. Een 3 kilometer lang viaduct leidt erheen en ook hier zijn zon, zee en strand van de partij. Île de Ré lijkt uit een postkaart gekropen. Lange zandstranden die overgaan in dichte dennenbossen, smalle straatjes met de heel typische witte huisjes met gekleurde houten vensterluiken. L'île Blanche, het witte eiland, heeft zijn naam niet gestolen. Het dertig kilometer lange eiland blijkt een fietsparadijs met maar liefst honderd kilometer fietspaden en -wegen. Heerlijk om met de wind door de haren het vlakke groene landschap te doorkruisen. Onderweg zul je geregeld zoutpannen passeren. Zoutzieders leggen door middel van een labyrint van kanaaltjes vlaktes aan waarin zeewater tot stilstand komt, verdampt en kristalliseert. In de verschillende dorpen wordt de zoutoogst dan op marktjes verkocht.
Een erg leuke ochtendmarkt is die in het mooie dorpje Ars dat je al van ver herkent door zijn opvallende zwart-witte klokkentoren. Ook heel uniek is Saint-Martin de Ré. Het haventje is onwaarschijnlijk gezellig en pittoresk, met allerlei restaurantjes met terrasjes langs het water en leuke autovrije winkelstraatjes met mooie boetiekjes. Maar het zijn vooral het fort van La Prée en de enorme vestigingsmuren van maar liefst veertien kilometer die de turbulente geschiedenis van de regio weerspeigelen en de plek zo bijzonder maken. Het verrast me niets dat Unesco deze vestiging wat graag toevoegde aan zijn erfgoedlijst.

Deel dit artikel: Facebook Twitter Twitter

Tags: 

La Rochelle